Mijn huidige bezigheden: vragen+antwoorden

Vorige week heb ik 3 vragen gesteld in evenveel commissies. Zo legde ik ten eerste minister van Binnenlandse Zaken Patrick Dewael het vuur aan de schenen over de zware erkenningsprocedure waarmee stewards die bewakingsopdrachten in ziekenhuizen willen vervullen te maken krijgen.  Sinds de wet van 23 december 2005 is het immers zo dat ziekenhuizen stewards kunnen aanwerven om dergelijke opdrachten uit te voeren. Deze maatregel werd gecreëerd in het kader van het Generatiepact en wilde in de eerste plaats leiden tot meer tewerkstellingsmogelijkheden.De aanvraagprocedure om een vergunning te krijgen om dergelijke opdrachten uit te voeren is vandaag de dag  zeer omslachtig. Die stewards zijn nochtans geen bodyguards, wel hulppersoneel in de zorgsector. Een vereenvoudiging van de procedure zou dan ook op zijn plaats zijn. Minister Dewael volgde mijn oordeel echter niet en bekeek de kwestie jammer genoeg niet vanuit het tewerkstellingsperspectief, wat in de eerste plaats toch de opzet was van  de wet van 2005.

Daarnaast stelde ik aan minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid een vraag over problemen waar OCMW’s  vaak mee te maken krijgen. Zij worden namelijk geregeld geconfronteerd met personen die wel op het grondgebied van de betrokken gemeente verblijven, maar die niet in regel zijn met de verplichte ziekteverzekering en/of niet te bereiken zijn. Toch moeten de OCMW’s in dit geval opdraaien voor de kosten, wanneer de betrokkenen geneeskundige verzorging nodig hebben. Zo onstaat er een soort vacuüm: het OCMW kan de mensen die het wil/moet helpen niet bereiken en bijgevolg blijven die mensen niet-aangesloten. Bij de NMBS bestaat er echter een systeem van ambtshalve aansluiting. Ik vroeg mij af of dit systeem niet kon worden doorgetrokken naar andere instellingen. Minister Onkelinx wist mij te vertellen dat dit systeem voor de NMBS aan de hand van een overeenkomst tot stand is gekomen en bijgevolg niet zomaar kan worden veralgemeend. Zij zou zich wel, samen met specialisten ter zake, buigen over mijn vraag.

Tot slot stelde ik nog een vraag in de commissie Sociale Zaken aan minister van Pensioenen Dupont over de Dienst Overzeese Sociale Zekerheid (DOSZ). Deze dienst werd aanvankelijk opgericht om landgenoten die actief waren geweest in de kolonies recht te geven op een volwaardig pensioen en toegang tot alle voordelen van de gezondheidszorg. Later werkte de dienst vooral voor Belgische ontwikkelingswerkers en voor de Belgen die vooreen privébedrijf een tijdlang een professionele activiteit uitoefenen in het buitenland. Er heerst momenteel nogal wat onrust bij allen die onder het DOSZ-statuut vallen. In februari 2006 publiceerde het Rekenhof een rapport over de hachelijke financiële toestand van de DOSZ. In de programmawet van 20 juli 2006 werden er maatregelen opgenomen om de dienst te moderniseren, met onder meer een bij KB te regelen aanpassing aan de kosten van het levensonderhoud. Alle KB’s zijn in werking getreden op 1 januari 2007 en werden ondertussen ook bekrachtigd. Het blijkt nu dat wie binnen dat DOSZ-statuut met pensioen zal gaan, terugvalt op ongeveer de helft van wie onder de oude berekeningswijze valt. Dit zorgt vanzelfsprekend voor de nodige teleurstelling. Nochtans werd daar jaren geleden, bij toetreding tot het stelsel, een veel gunstiger pensioensituatie voorgespiegeld. Ik vroeg mij dan ook af of  er nog maatregelen zullen overwogen worden die een invloed hebben op de  pensioenberekening van de DOSZ of voor andere DOSZ-sectoren? Wat zijn op termijn de plannen van de regering inzake de DOSZ? Blijft het een instrument voor Belgische ontwikkelingswerkers of andere Belgische werknemers in het buitenland? Moet er geen breed debat worden gevoerd over de toekomst van de DOSZ, waarbij ook de  verzekerden zelf worden betrokken? Minister Dupont schotelde mij een vrij technisch antwoord voor en stelde uiteindelijk dat de DOSZ nog volop bezig is met de hervormingen (zoals de pensioenberekeing die sinds 1 januari 2007 gewijzigd is: voor bijdragen die voor 1 jan 07 zijn gestort is het bedrag van de ingeschreven rente verworven. Daarna wordt een eventuele verhoging van die rente berekend op basis van de nieuwe schalen) , beslist in de vorige regeerperiode, te verteren. Daarna kan geanalyseerd worden welke opdrachten het DOSZ verder moet vervullen, in het kader van de Europese regelgeving dan. Hij gaat dus binnenkort gesprekken hierover aangaan. Ik zal de problematiek alleszins op de voet blijven volgen.  

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s


%d bloggers op de volgende wijze: