Sancties onwillige werklozen, nu de cijfers in Oost-Vlaanderen…

Het persbericht van Belga over de nationale cijfers werd blijkbaar hier en daar opgepikt. In Metro besteedde men er aandacht aan en ook in een dagblad (GVA). Deze morgen analyseerde ik de cijfers voor Oost-Vlaanderen en de verschillende regio’s in onze provincie. AVS vond de vaststellingen interessant genoeg om er een nieuwsitem aan te wijden en kwam een interview afnemen. Ook Radio 2 Limburg(!) vroeg de gegevens op voor de provincie Limburg. Hier onder vind je in alle geval de gegevens voor Oost-Vlaanderen met wat commentaar van mij.

“Globaal volgt Oost-Vlaanderen de Vlaamse trend niet, in Gent Oudenaarde zelfs een compleet tegengestelde evolutie.”

Globaal stellen we een dalende trend vast voor Vlaanderen (-3,2%), terwijl in Wallonië het aantal sancties sterk is toegenomen (+ 50%).
In Oost-Vlaanderen verschillen de cijfers sterk van regio tot regio.
Globaal voor Oost-Vlaanderen zien we dat het aantal sancties tegen onwillige werklozen tussen 2006 -2008 quasi gelijk gebleven is. Dat geeft echter absoluut niet het beeld weer van de evolutie in de regio’s in Oost-Vlaanderen. In het arr. Oudenaarde is er voor die periode een verdubbeling van het aantal sancties, terwijl in het arr. Gent er een daling is van 20%.”
Ook tussen de andere regio’s van Oost-Vlaanderen zijn er grote verschillen wat betreft de evolutie van het aantal sancties tegen onwillige werklozen
Zo is er in St-Niklaas en Aalst een stijging van het aantal sancties met respectievelijk 18,3% en 9,3%, terwijl in Eeklo (-7%) en Dendermonde (-2,8%) de trend dan weer dalend is. Een heel verschillend beeld dus tussen de regio’s onderling in Oost-Vlaanderen.

Een verklaring geven voor deze verschillen blijkt niet zo eenvoudig te zijn. Je zou kunnen denken dat er  een verschillend opvolgingsbeleid van de werklozen is in de verschillende regio’s van RVA en VDAB.  Mensen van de RVA   verzekeren mij echter dat de verschillende kantoren zo uniform mogelijk werken en dat ook de verschillende VDAB-kantoren vrij uniform werken.  Volgens sommigen ligt het aan de uitwisseling van informatie tussen VDAB en RVA enerzijds en het soort en het aantal vacatures dat een VDAB-kantoor ontvangt voor de werklozenpopulatie van die regio. 

Persoonlijk denk ik wel dat er toch  nog  kleine (?) nuanceringen/verschillen zijn wat betreft het opvolgingsbeleid per regio. Het zou mij niet verwonderen dat een kleiner werkloosheidbureau korter op de bal kan spelen en zijn cliënteel beter kent dan een groter bureau,waar men bijvoorbeeld meer oordeelt op basis van administratieve dossiers. Ik kan mij ook inbeelden dat de samenwerking RVA-VDAB niet op alle plaatsen gelijk is. Dat zal daarom niet altijd slechter of beter zijn, maar dikwijls wel anders. Om maar een voorbeeld te geven: daar waar RVA en VDAB naast mekaar gelegen zijn of zelfs in dezelfde gebouwen zitten en het personeel mekaar regelmatig ziet kan de samenwerking anders zijn dan daar waar men mekaar niet kent en op een verschillende locatie zit. Niets menselijks is ons toch vreemd?  In alle geval vind ik het de moeite om hierover verder onderzoek te doen en zal ik naar meer gedetailleerde gegevens vragen bij de minister en ook haar vragen naar een verklaring   voor deze verschillen. Uitgangspunt bij onze analyse blijft in alle geval dat alle regionale kantoren van de RVA op de meest correcte manier zorgen voor een gelijke rechtsbedeling voor iedereen.

www.rva.be

www.vdab.be

www.milquet.belgium.be

www.werk.belgie.be

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s


%d bloggers op de volgende wijze: